maandag 11 juni 2012

Nieuwe kritiek van Venetië commissie


De Venetië commissie, een groep internationaal gerenommeerde juridische experts van de Raad van Europa die eerder al de grondwet en de mediawetgeving in Hongarije onderzocht (en serieus kritiseerde), komt donderdag met een rapport over een aantal andere wetten en opnieuw zal het oordeel naar verluid uiterst kritisch zijn.

De experts hebben de nieuwe kieswet, de positie van het Constitutionele Hof, de onafhankelijkheid van het justitieel apparaat en de nationaliteitenwetgeving (dubbele paspoorten en stemrecht voor Hongaren in het buitenland) onderzocht en volgens persberichten hebben ze op alle gebieden opnieuw een aantal fundamentele kritiekpunten.

Dat wordt dus opnieuw een zware dobber voor die conservatieve Hongaren die de regering Orbán nog steeds in bescherming nemen en beweren dat alle kritiek niet meer is dan een opeenhoping van misverstanden en gebrek aan kennis bij critici en heel veel verongelijkt gezeur van de linkse oppositie. Tenzij je natuurlijk gewoon beweert dat de Venetië commissie een club ongeïnformeerde linkse dilettanten is – jawel, ik heb het argument al gelezen – maar dat argument zal niet bij veel mensen aanslaan.

Het is niet waarschijnlijk dat de regering Orbán zich heel veel van die kritiek zal aantrekken. Vorige week nog liet Eurocommissaris voor telecommunicatie Neelie Kroes zich zeer negatief uit over de manier waarop de Hongaarse regering was omgegaan met de kritiek van de Venetië commissie op de mediawet. Van de 66 aanbevelingen voor verandering nam de Hongaarse regering er op 4 Juni slechts 11 over. “Er is niet tegemoet gekomen aan de zorgen van de Raad van Europa en de Europese Unie,” aldus een verontwaardigde Neelie Kroes.

Het is inmiddels zo ver dat er zich een meerderheid in de Raad van Europa begint af te tekenen om t.a.v. Hongarije een permanente monitoring procedure in werking te stellen ( ja, ook een deel van de conservatieven is daar voor). Die procedure is tot nu toe alleen gebruikt voor landen die een aanvraag tot lidmaatschap van de EU hebben ingediend, nooit voor een land dat al EU lid is. Het is, zo moge duidelijk zijn, geen teken dat Hongarije het op internationaal diplomatiek niveau erg goed doet.

Verder deze week:

-  Alle opiniepeilers constateren inmiddels een enorme val in de populariteit van Fidesz, dusdanig dat het voor het eerst weer voorstelbaar is geworden dat de democratische oppositie verkiezingen in 2014 zou kunnen winnen. Maar 2014 is nog ver weg. En niet alleen heeft Fidesz de regels uitgebreid opgerekt en aangepast om ervoor te zorgen dat ze zelfs met weinig stemmen de verkiezingen nog wint (en kan de partij daarin nog heel wat verder gaan), maar Orbán heeft het systeem ook zo ingericht dat Fidesz een eventuele andere coalitie het regeren volstrekt onmogelijk kan maken.
Blauw is weet niet, geel Fidesz, rood MSZP.

- In een uitgelekte video-opname zegt een hoofdadviseur van het Hongaarse verkeersinstituut dat de regering Orbán de sluiting van een reeks spoorlijnen voorbereid (een gevoelig punt, want Fidesz  heeft daar altijd fel campagne tegen gevoerd), maar dat er gewacht wordt met de aankondiging totdat er een zondebok voorhanden is. “Als de IMF besprekingen van start gaan en er gezegd kan worden dat het IMF stinkende en smerige kapitalistische gieren zijn die ons dwingen de lijnen te sluiten.” Een regeringswoordvoerder ontkent uiteraard dat er zulke plannen bestaan.

- De huidige regering heeft het land in de verkeerde richting geleid, ondanks het feit dat haar voorganger (de regering Bajnai…HH) de financieel-economische positie van Hongarije aanzienlijk had verbeterd. En nee, dat is niet de mening van een koppige, links-liberale criticaster, maar die van Attila Chikán, minister van economische zaken in de Fidesz regering in 1998-1999. De regering heeft er twee jaar over gedaan om zich te realiseren dat het voortzetten van haar zogenaamde economische vrijheidsstrijd ernstige consequenties zou hebben. Het zou de regering sieren als ze openlijk toegaf gaf dat het tot nu toe gevoerde beleid fout was, aldus Chikán.

- Maar dat zit er niet in. De huidige minister van Economische Zaken György Matolcsy liet in een interview op CNN nog eens weten dat het geweldig gaat met Hongarije, dat er een prachtig Hongaars sprookje in de maak is en dat volgend jaar (elk jaar zegt hij "volgend jaar"…HH) de grote economische groei en bloei zal beginnen. De interviewer van CNN kon zijn ongeloof over de antwoorden die hij kreeg nauwelijks onder controle houden.

- Tenslotte het oordeel van investeerders: uit een onderzoek onder Duitse bedrijven in welkl land in het voormalige Oostblok Duitse ondernemingen het liefst investeren, komt Hongarije nu helemaal onderaan op de 13e plaats. Vorig jaar stond Hongarije nog op de tiende plaats, ook al mager – de concurrenten Tsjechië, Polen en Slowakije staan respectievelijk één, twee en drie – maar toen hield het in ieder geval Roemenië, Servië en Bulgarije nog achter zich. Niet langer.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen